Ondernemingsrecht

Invordering van schulden ten aanzien van consumenten - nieuwe regels vanaf 1 september 2023

01 september, 2023


De wet van 3 mei 2023 (BS 23 mei 2023) voegt een nieuw boek XIX “schulden van de consument” toe aan het Wetboek Economisch Recht (WER). Dit nieuwe boekdeel behandelt de procedures voor het minnelijk innen van schulden die ontstaan zijn door betalingsachterstanden bij consumenten.

Kosteloze eerste herinnering en wachttermijn

Voor iedere schuld die de consument niet betaald heeft op de vervaldatum van de factuur, moet de onderneming een kosteloze ingebrekestelling sturen bij wijze van eerste herinnering. Op datum van de eerste herinnering begint een wachttermijn van 14 kalenderdagen te lopen die ingaat de dag na verzending in geval van elektronische verzending of de derde dag na de verzending per brief. 

Gaat het om onbetaalde schulden in het kader van regelmatige levering van goederen of diensten, ondermeer een abonnement, dan geldt dat de eerste drie herinneringen kosteloos zijn. Bij elke bijkomende herinnering na de wachttermijn mogen extra kosten aangerekend worden. Wel wordt het bedrag voor de bijkomende herinneringen begrensd tot 7,50 euro vermeerderd met de geldende portokosten.

De herinnering bevat daarnaast ook minstens volgende gegevens:

  • Het verschuldigde saldo en het bedrag van het schadebeding dat zal worden geëist bij niet-betaling binnen de termijn van 14 kalenderdagen;
  • De naam of de benaming van de onderneming die schuldeiser is;
  • Een beschrijving van het product dat de schuld deed ontstaan, alsook de datum van opeisbaarheid van deze schuld;
  • De termijn waarbinnen de schuld terugbetaald moet worden vooraleer enige kost, interesten of vergoedingen mogen worden gevorderd.

Op eerste verzoek van de consument verschaft de onderneming de bewijsstukken omtrent de schuld en verschaft deze de nodige informatie over hoe deze schuld betwist kan worden.

Elk beding dat de onderneming vrijstelt van de eerste herinnering en de wachttermijn zoals hierboven omschreven is verboden en nietig.

Plafonnering verwijlintresten en schadebedingen

De kosten die de schuldeisende onderneming kan vorderen van de consument bij wanbetaling is eveneens aan banden gelegd. Zo kan de onderneming, na de eerste herinnering en na het verstrijken van de termijn van 14 kalenderdagen, geen andere betaling vorderen dan:

De verwijlinteresten

De verwijlinteresten mogen niet hoger zijn dan de interest tegen de referentie-interestvoet vermeerderd met acht procentpunten bedoeld in artikel 5, tweede lid, van de wet van 2 augustus 2002 betreffende de bestrijding van de betalingsachterstand bij handelstransacties. De interesten worden berekend op de nog te betalen som.

De verwijlinteresten zullen pas beginnen lopen na het verstrijken van de wachttermijn, tenzij je een kmo bent. Indien je een kmo bent, mag je de verwijlinteresten laten lopen vanaf de datum van de eerste herinnering.

Het schadebeding

Een forfaitaire vergoeding kan enkel en alleen gevorderd worden indien deze uitdrukkelijk bepaald werd in de overeenkomst. Het bedrag van deze vergoeding wordt begrensd als volgt:

  • Schuld lager dan of gelijk aan 150 euro: 20 euro;
  • Schuld tussen 150,01 en 500 euro: 30 euro vermeerderd met 10% van de schuld;
  • Schuld hoger dan 500 euro: 65 euro vermeerderd met 5% van de schuld op de schijf boven 500 euro en maximum 2000 euro.

Deze bedragen zijn in eerste instantie bestemd om de verwijlinteresten en alle kosten van minnelijke invordering van de onbetaalde schuld te dekken.

Sancties

Wanneer deze nieuwe regels niet worden gerespecteerd dan gelden de volgende sancties. 

Vrijstelling betaling van het schadebeding

Elk schadebeding dat bovenstaande bedragen niet respecteert, is verboden en wordt voor niet geschreven gehouden. 

Terugvordering betaalde schuld

Indien de consument de schuld zou hebben betaald, maar blijkt dat bovenstaande verplichtingen niet werden gerespecteerd, dan kan de rechter beslissen dat de consument aanspraak kan maken op terugbetaling van de betaalde bedragen. De invordering kan dan niet opnieuw gestart worden, aangezien de foutieve betaling door de consument geacht wordt bevrijdend te zijn.

Weigering van minnelijke invordering

Wanneer de schuldeisende onderneming bovenstaande voorschriften niet respecteert zal minnelijke invordering geweigerd worden. Een incassobureau, uw advocaat of een gerechtsdeurwaarder moeten steeds nagaan of de regels werden gerespecteerd, in negatief geval mogen zij de invordering niet opstarten. 

Strafsancties

Tenslotte wordt voorzien in een aantal strafrechtelijke boetes wanneer de onderneming volgende verplichtingen schendt:

  • Het niet of onjuist verzenden van de eerste herinnering;
  • Het niet naleven van de maximumbedragen van het schadebeding.

De boetes variëren van 26 euro tot 10.000 euro, of zelf tot 4% van de totale jaaromzet in het laatst afgesloten boekjaar steeds te vermeerderen met opdeciemen.

Overgangsregeling

Vanaf 1 september 2023, zijnde de eerste dag van de vierde maand volgende op de maand van de publicatie in het Belgische Staatsblad, treedt de nieuwe wet in werking. Dit wil zeggen dat vanaf dan alle nieuwe contracten onderworpen zijn aan de nieuwe regels.

Vanaf 1 december 2023 zal de nieuwe wet bovendien ook van toepassing zijn op overeenkomsten die werden afgesloten vóór 1 september 2023, op voorwaarde dat de betalingsachterstand is ontstaan na de inwerkingtreding van de nieuwe wet.

Experts


  • MG 0861 WE Photo Room 13 transformed

    Ingo Arnou

    Managing partner
    • Ondernemingsrecht